Lees meer

Meld je aan voor de nieuwsbrief
Aanmelden nieuwsbrief
Neem contact met ons op
Contact

Een huurder werkt onvoldoende mee aan herstelwerkzaamheden na een lekkage, waardoor de schade toeneemt. Hij moet de woningcorporatie een schadevergoeding betalen en zijn huis uit, zodat de verhuurder de nodige herstelwerkzaamheden kan uitvoeren.

De man huurt een huis van een woningcorporatie. In de woning is schade ontstaan door lekkage, waarop de woningcorporatie een aannemer inschakelt. De huurder gaat echter niet akkoord met de wijze van herstel. Volgens de man kiest de aannemer voor ‘de makkelijkste manier’, door de leidingen in de muur door het huis te laten lopen. Het huis zou in de oorspronkelijke staat hersteld moeten worden, door de vloeren open te hakken en de waterleidingen eronder te installeren, aldus de man.

Volgens de woningcorporatie is dit niet mogelijk, en kan de lekkage alleen worden opgelost door de leidingen in te frezen in de wanden en de vloer. De man zou de schade ook alleen maar verergeren door niet mee te werken.

Na meerdere klachten te hebben ingediend stapt de man naar de kantonrechter. Hij wil een verklaring voor recht dat de huurprijs wordt verlaagd totdat de gebreken zijn hersteld en ook wil hij dat de woningcorporatie wordt veroordeeld om passende woonruimte voor hem en zijn gezin te regelen tot zijn huis weer in orde is. 

De woningcorporatie eist op haar beurt dat de man wordt veroordeeld om haar en haar aannemer per direct in de gelegenheid te stellen om het herstelwerk uit te voeren en dat hij het huis tijdens die werkzaamheden ontruimt en verlaat. Ook wil ze dat de man ruim 31.000 euro aan schadevergoeding aan de woningcorporatie betaalt of dat hij zelf opdracht geeft aan een aannemer om op zijn kosten de werkzaamheden te verrichten.

De kantonrechter wijst de vorderingen van de man af, de vorderingen van de woningcorporatie worden toegewezen. De man stapt hierop naar het gerechtshof Den Haag.

Verplichtingen

De stelplicht en bewijslast van de tekortkoming van de woningcorporatie berusten op de man, aldus het hof. Uit de zaak blijkt dat de corporatie zich voldoende heeft ingespannen om te trachten een afspraak te maken om de lekkage(s) en de gevolgschade te herstellen. Ook is duidelijk dat de man zijn verplichtingen uit de huurovereenkomst niet is nagekomen door zijn medewerking hieraan te weigeren. Anders dan de man stelt, had hij geen goede reden voor die weigering. Zo zouden de problemen veel eerder verholpen kunnen zijn als hij de aannemer had toegelaten en heeft de woningcorporatie hem meerdere keren vervangende woonruimte aangeboden, hoewel zij hiertoe niet verplicht was.

De woningcorporatie is volgens het hof niet tekortgeschoten in de nakoming van haar verplichtingen naar de huurder. De man heeft het herstel van de lekkages en daarna ook het herstel van de gevolgschade verhinderd. Dit kan hem worden toegerekend, zodat hij ten aanzien van de herstelverplichting van de woningcorporatie in schuldeisersverzuim is komen te verkeren, aldus het hof. De kantonrechter heeft de vorderingen van de man dan ook terecht afgewezen. Anders dan de kantonrechter veroordeelt het hof veroordeelt de huurder tot betaling van een schadevergoeding van 5.000 euro.

ECLI:NL:GHDHA:2022:1290

Bron: Gerechtshof Den Haag | jurisprudentie | ECLI:NL:GHDHA:2022:1290 200.272.977 | 16-05-2022

Vraag vrijblijvend een offerte aan

    Neem contact met mij op

    Liever direct contact opnemen?