Lees meer

Meld je aan voor de nieuwsbrief
Aanmelden nieuwsbrief
Neem contact met ons op
Contact

Wanneer het door de statuten voorgeschreven bestuur van een stichting ontbreekt, kan de rechtbank overgaan tot vervulling van de lege plaatsen in het bestuur.

In 2007 wordt een stichting opgericht met het doel de kansen van kinderen te vergroten om hun opleiding in het voortgezet onderwijs met goed gevolg af te ronden. Bij de oprichting worden drie bestuurders benoemd. Volgens de statuten van de stichting moet het bestuur uit ten minste drie en maximaal vijf leden bestaan. Bestuurders worden voor een periode van vier jaar benoemd en kunnen maximaal twee keer herbenoemd worden. Aangezien de maximale zittingstermijn voor bestuursleden dus 12 jaar is, liep de termijn voor alle bij de oprichtingsakte benoemde bestuursleden af in oktober 2019. Dit had het bestuur zich niet gerealiseerd. Sindsdien heeft de stichting dus geen rechtsgeldig benoemd bestuur en kunnen er ook geen nieuwe bestuursleden worden benoemd. De oud-bestuurders stappen naar de rechtbank Amsterdam met het verzoek een door hen aangedragen persoon als bestuurder te benoemen.

Vervulling van lege plaatsen

De rechtbank kan op grond van artikel 2:299 van het Burgerlijk Wetboek op verzoek van iedere belanghebbende of het openbaar ministerie overgaan tot de vervulling van de lege plaatsen in het bestuur van een stichting, wanneer het door de statuten voorgeschreven bestuur geheel of gedeeltelijk ontbreekt en daarin niet overeenkomstig de statuten wordt voorzien. De rechtbank neemt daarbij zoveel mogelijk de statuten in acht.

Gedefungeerd

In dit geval hebben de oud-bestuurders voldoende toegelicht dat zij zijn aan te merken als belanghebbenden, zo oordeelt de rechtbank. Op grond van de statuten, zoals opgenomen in de oprichtingsakte, zijn deze oud-bestuurders in 2019 als bestuur gedefungeerd. Dat in artikel 5 lid 3 van de statuten, zoals deze zijn opgemaakt in 2021, geen benoemingstermijn meer staat vermeld, doet daar niet aan af, aldus de rechtbank. Omdat de stichting geen (rechtsgeldig) bestuur heeft en omdat, zoals uit het voorgaande volgt, op dit moment ook niet overeenkomstig de statuten in de benoeming van een bestuur, anders dan via de rechtbank, kan worden voorzien, zal de rechtbank zoals gevraagd tot de benoeming van de aangedragen persoon als bestuurder overgaan.

ECLI:NL:RBAMS:2022:5226

Bron: Rechtbank Amsterdam | jurisprudentie | ECLI:NL:RBAMS:2022:5226, C/13/718107 / HA RK 22-151 | 20-09-2022

Vraag vrijblijvend een offerte aan

    Neem contact met mij op

    Liever direct contact opnemen?